Meer patiënten dan ooit kregen in 2022 in UMCG een nieuw orgaan

De Nederlandse Transplantatie Stichting meldde gisteren een recordaantal orgaandonoren en -transplantaties. Ook het UMCG Transplantatiecentrum heeft in 2022 een recordaantal transplantaties uitgevoerd: In 2022 zijn er 190 nieren getransplanteerd (20% meer dan het jaar ervoor), 88 levers waarvan 25 kinderlevertransplantaties (+ 31%), 49 longtransplantaties ( + 30%) en 12 harttransplantaties (+9%). Ook is er een recordaantal van 318 hoornvliestransplantaties gedaan.

Iedere transplantatie een verhaal

Achter iedere transplantatie zit een persoonlijk verhaal. Dat van een patiënt met een aangeboren afwijking, iemand die een ziekte heeft waardoor een orgaan steeds slechter functioneert, of iemand die plotseling heel erg ziek is geworden.

Voor alle getransplanteerden geldt: door het nieuwe orgaan hebben ze weer perspectief gekregen. Op een ‘normaler’ leven met minder pijn en beperkingen. Of gewoonweg op leven, omdat leven met hun ‘oude’ orgaan niet meer ging. Veel transplantatiepatiënten omschrijven hun transplantatiedatum als hun tweede verjaardag, of het begin van hun nieuwe leven.

Eerste gecombineerde hart-levertransplantatie

Het meest in het oog springende verhaal van 2022 was misschien wel de eerste gecombineerde hart-levertransplantatie die in Nederland plaatsvond. Een 35-jarige patiënte van het UMCG had vorig jaar de primeur: zij kreeg tegelijkertijd een nieuw hart én een nieuwe lever. Een groot team van hartchirurgen, leverchirurgen en andere specialisten voerde de unieke transplantatie, die in totaal bijna 24 uur duurde, uit. Lees hier het verhaal over de eerste gecombineerde hart-levertransplantatie in het UMCG.

Meer mogelijk door nieuwe technieken

Er zijn de laatste jaren ook meer transplantaties mogelijk doordat we nieuwe technieken kunnen toepassen. Zo durfden we een paar jaar geleden veel organen niet te transplanteren omdat ze misschien niet goed genoeg waren. Tegenwoordig kunnen we deze organen testen en verbeteren dankzij orgaanperfusie. Orgaanperfusionist Veerle Lantinga vertelt in dit artikel hoe dit werkt en hoe we hiermee organen hebben kunne gebtuiken die we vroeger niet konden gebruiken.

Donoren

Achter elke transplantatie zit ook het verhaal van een donor. Iemand die is overleden en die zijn organen heeft afgestaan. Of iemand die bij leven een nier of een deel van de lever afstaat. Aan een naaste, maar soms ook aan een onbekende ontvanger. Zonder hen zouden we al die transplantatiepatiënten dat perspectief niet kunnen geven.

Het UMCG heeft grote waardering voor de donoren en hun nabestaanden.

Bron: UMCG

Jaarcijfers 2022: hoogste aantal orgaandonoren in één jaar

In 2022 waren er in Nederland meer orgaandonoren na overlijden dan ooit. Hiermee zijn de aantallen eind 2022 terug op het niveau van voor COVID-19, na twee jaar waarin de coronapandemie grote invloed had op het aantal orgaan- en weefseldonaties.

Sommige categorieën organen werden aanzienlijk meer getransplanteerd. Innovaties zorgden er bovendien voor dat meer organen per donor geschikt konden worden gemaakt voor transplantatie. Voor een aantal organen (lever, long, hart en pancreas) heeft dit geresulteerd in een kortere wachtlijst.

Bij de start van de coronapandemie in 2020 was een flinke daling te zien van het aantal orgaandonaties en -transplantaties. In 2021 herstelde het aantal procedures deels weer en afgelopen jaar is het aantal orgaantransplantaties verder gestegen. Het aantal postmortale orgaandonoren is het hoogste aantal in één jaar ooit in Nederland. Of dit een gevolg is van de nieuwe donorwet is op dit moment nog niet met zekerheid te zeggen. Eind 2023 start het ministerie van VWS met een evaluatie van de donorwet.

Donatie en innovatie

Bernadette Haase, directeur NTS: “We hebben grote waardering voor de keuze van donoren en nabestaanden om te doneren. Daardoor kunnen zoveel levensreddende transplantaties gedaan worden. Het is mooi om te zien dat we door innovaties steeds beter in staat zijn om de kwaliteit van te transplanteren organen te verbeteren. Hierdoor hebben we nog meer patiënten kunnen helpen.”

Orgaantransplantaties

In totaal zijn 1402 orgaantransplantaties (van zowel postmortale als levende donoren) uitgevoerd. Het aantal orgaantransplantaties met organen van postmortale donoren was in 2022 13% hoger (860) dan in het jaar daarvoor (758). Het aantal postmortale donoren is met 285 het hoogste aantal in één jaar ooit.

Het aantal transplantaties met organen van levende donoren (nier en lever) is gestegen met 12% (542 in 2022 ten opzichte van 482 in 2021).

Toename en afname wachtlijsten voor organen

Voor een aantal organen heeft het hoge aantal transplantaties geleid tot een kortere wachtlijst. Het aantal transplantabele patiënten op de wachtlijst voor een nieuwe lever (-46%), long (-23%), hart (-9%) en pancreas (met of zonder nier: -35%) daalden. De wachtlijst voor een nieuwe nier is wel met 5% gestegen, ondanks hoge transplantatiecijfers. Dit komt met name door een hoge instroom van nieuwe patiënten. Dit is ook de grootste groep wachtende patiënten. In totaal wachten in Nederland 1247 mensen op een nieuw orgaan, ten opzichte van 1297 mensen vorig jaar.

Directeur Haase: “Ons doel is altijd om de wachttijden korter te laten worden. Voor alle mensen op de wachtlijst is transplantatie van levensbelang. Een patiënt op de wachtlijst leeft lange tijd in onzekerheid of er op tijd een orgaan beschikbaar komt, en heeft in die periode een beperktere kwaliteit van leven. Het is geweldig om te zien dat het afgelopen jaar gelukt is de wachtlijsten voor een aantal organen te verkleinen.”

Weefsels

Het aantal weefseldonoren was in 2022 iets lager dan in 2021 (2404 in 2022 ten opzichte van 2427 in 2021). Wel was het aantal transplantaties voor sommige weefsels hoger dan in 2021. Dit kan omdat weefsels voor langere tijd kunnen worden opgeslagen in een zogenaamde weefselbank. Zo steeg het aantal cornea (hoornvlies) transplantaties van 1831 in 2021 naar 1909 in 2022. Tegelijk nam de wachtlijst van bijvoorbeeld mensen die wachten op een cornea toe. Deze stijging komt door een hogere instroom van patiënten, door inhaalzorg werden meer mensen op de wachtlijst voor een weefsel geplaatst.

Bron: www.transplantatiestichting.nl

Twee baby’s in één gezin met allebei een nieuw hart

Merel en Bram (beiden 35 jaar) zijn de trotse ouders van twee kinderen, die als baby allebei een nieuw hart kregen. De nu 6-jarige Daan was zelfs de allereerste baby in Nederland die – net twee maanden oud – een donorhartje kreeg. Net als zijn nu anderhalf jaar oude broertje Lev was een harttransplantatie dringend noodzakelijk. Lev was 3 maanden toen hij een nieuw hartje kreeg.

Waar de hartjes vandaan komen, weet Merel niet, vertelde ze in de KRO-NCRV tv-uitzending van Festival van de liefde afgelopen zondag. “Bram en ik denken heel vaak aan de ouders van die kindjes, ook al weten we niet wie dit zijn. Het is zo bijzonder dat ouders die hun kindje verloren zijn, het hart aan een ander kindje hebben geschonken. Onbeschrijfelijk.”

Verdikte hartspier

De afwijking die beide kinderen in hun hart hadden, heet hypertrofische cardiomyopathie, oftewel een verdikte hartspier. Het hart is te groot, zodat het bloed niet goed wordt rondgepompt en het kind amper kon ademen. Met name het leven van Daan hing aan een zijden draadje, vertelde Merel. Gelukkig kwam er snel een nieuw hartje. “Hij heeft maar 4 dagen op de lijst gestaan, dat was echt heel bijzonder.”

Het programma Festival van de liefde vertelde afgelopen zondag het bijzondere verhaal van Merel en Bram. “Bij Daan werd het direct na de geboorte geconstateerd”, zei Merel in het programma. “Om te overleven had hij heel snel een nieuw hart nodig. Dat leverde bij ons heel veel stress op. Hij lag in Groningen op de IC.” Merel vertelt dat ze wel eens “als de wiedeweerga” naar het ziekenhuis moest omdat Daan gereanimeerd werd of bijna het loodje legde, zoals ze het uitdrukte. “Daan hoefde maar vier dagen te wachten op een nieuw hartje”, vertelt ze. “De chirurg zei ons: het had niet langer moeten duren!”

Niet die hele weg weer!

Toen ze zwanger was van Lev werd Merel herhaaldelijk gecontroleerd, en ze kreeg te horen dat alles in orde was. Toen Lev geboren was, maakte de arts voor de zekerheid een echo. Het ging om dezelfde kinderarts die ook Daan had geholpen. “Hij zei: ach jongens, hij heeft het ook!”, vertelde Merel. “Ik lag met een keizersnee in bed en begon te gillen. Nee, niet die hele weg weer!”

Nooit eerder hebben twee kinderen uit hetzelfde gezin een transplantatie gehad. Om afstoting tegen te gaan krijgen Daan en Lev twee keer per dag medicijnen, die ze levenslang moeten blijven slikken. Op de vraag hoe lang de hartjes meegaan vertelde de vader: “Als ze het eerste jaar doorkomen, de helft heeft na 25 jaar het hart nog wat ze hebben gekregen. Maar dat zijn zorgen voor later!”

Hartendag

Elk jaar viert het gezin een “hartendag”, aldus Merel. “Dan vieren we hun hergeboorte en staan we ook stil bij de kinderen die zijn overleden.” De kinderen van wie ze het hartje hebben gekregen. Voor hun ouders voelt Merel naar eigen zeggen “niets dan liefde”.

Nederlanders voelen wel wat voor dieren als orgaandonor

Mensen in Nederland staan over het algemeen open voor onderzoek naar het gebruiken van dieren als orgaandonor, als daarmee het leven van ernstig zieke patiënten sterk verbetert. Dat stelt het Rathenau Instituut, dat samen met NEMO Kennislink op 23 mei het rapport Het dier als donor aanbood aan het Ministerie van Volksgezondheid. Het onderzoek liep vooruit op een Kamerdebat op 2 juni over de Embryowet.

Volgens het onderzoek hechten Nederlanders wel aan dierenwelzijn en aan onderzoek naar behandelingen waarvoor geen dieren nodig zijn.

In ons land worden tot nog toe geen dieren gebruikt voor orgaantransplantatie naar mensen. In andere landen wordt daarnaar veel onderzoek gedaan. Het gaat bijvoorbeeld om het genetisch aanpassen van varkens, waardoor een hart of nier geschikt wordt voor transplantatie naar een mens. Met een andere methode is het in de toekomst misschien zelfs mogelijk om een menselijk orgaan te laten groeien in een dier.

Transplantaties uit dieren zou een oplossing kunnen bieden voor het tekort aan donororganen, vinden veel mensen. Er staan nu bijna 1.300 Nederlanders op de wachtlijst voor transplantatie. Tegelijkertijd roepen de technieken ethische en maatschappelijke vragen op. De onderzoekers hielden groepsgesprekken met ruim 400 mensen, onder wie patiënten, veehouders, scholieren en buurthuisbezoekers.

De deelnemers zagen kansen om met ‘donordieren’ de levenskwaliteit van ernstig zieke patiënten te verbeteren, zij het onder strenge voorwaarden, zoals aandacht voor dierenwelzijn, en voor onderzoek naar behandelingen zonder dieren. Ook moet voorkomen worden dat ziektes overgaan van dieren op mensen, zoals onlangs gebeurde met de transplantatie van een varkenshart. De patiënt stierf vervolgens aan een varkensvirus.

 

Eerste man met varkenshart mogelijk overleden door varkensvirus

BALTIMORE – Een infectie met het varkensvirus is een 57-jarige man die in januari een genetisch aangepast varkenshart kreeg, mogelijk fataal geworden. Het Maryland Hospital in Baltimore meldt in MIT Technology Review dat het zou gaan om een herpesvirus: het porcine cytomegalovirus. Als dat zo is, had de dood van de man voorkomen kunnen worden, aldus het ziekenhuis.

Helemaal zeker is het nog niet dat het hart bezweek door het virus, houden de onderzoekers een slag om de arm. Duidelijk is wel dat David Bennett, die als eerste mens een varkenshart kreeg, twee maanden na de operatie overleed. Dit nadat in de dagen voordien zijn gezondheid volgens het ziekenhuis snel achteruit ging.  Aanvankelijk leek het juist goed te gaan met de man.

Het hart was geleverd door biotechnologiebedrijf Revivicor. Het zou virusvrij zijn geweest. Maar dat lijkt toch niet het geval te zijn geweest. Het virus moet volgens dagblad Trouw wel van het donorvarken afkomstig zijn geweest. Het gaat om een moeilijk te bestrijden virus. Het bedrijf dat het varkenshart leverde heeft nog geen verklaring afgelegd.

Het virus zou volgens een van de behandelende artsen alleen in levende organen voorkomen. En dus niet bijvoorbeeld in hartkleppen van varkens, die al jaren met succes worden gebruikt als de eigen hartkleppen het voor gezien houden.

De nood aan donorharten is groot, vandaar dit experiment met een varkenshart. In 2020 stonden in ons land 130 mensen op een wachtlijst voor een donorhart.

Amerikaanse chirurgen transplanteren voor het eerst varkenshart bij mens

Voor het eerst in de geschiedenis is succesvol een hart van een genetisch aangepast varken getransplanteerd naar een mens. De operatie vond plaats in een ziekenhuis in de Amerikaanse stad Baltimore, meldt The New York Times maandag.

De krant spreekt over een medische primeur die hoop biedt voor honderdduizenden patiënten met falende organen. De doorbraak kan leiden tot voorraden dierlijke organen voor transplantatie bij menselijke patiënten.

Lees hier verder: www.nu.nl

In Memoriam: Pieter Van de Rest

Met veel verdriet vernamen we het overlijden van Pieter van de Rest. De hartpatiënt uit Dordrecht leefde met het hart van een ander, na een geslaagde harttransplantatie. We kennen Pieter als een bevlogen en vriendelijke man vol optimisme en warmte, die met graagte praatte over het hart dat hem al die jaren in leven hield. Een levenskunstenaar wiens levenslust menigeen inspireerde.

Hij stierf op 56-jarige leeftijd, op 17 december. Hij hield van het leven, was vader en echtgenoot van Jonne Boesjes, muzikant, kunstschilder, dromer en doener. Pieter studeerde aan de Rijksuniversiteit in Leiden om zich vervolgens te bekwamen in reclame, schrijven en kunst. Hij schreef een indrukwekkend boek.

Van de Rest bracht zijn jeugd door op het eiland Kaag. Op het hoogtepunt van zijn carrière in reclame en marketing werd hij in 1997 getroffen door een zwaar hartinfarct. Zijn hart raakte daardoor zwaar beschadigd. Tien jaar ziekenhuisopnames en hartoperaties maken de conditie er niet beter op. Het wachten op een donor begint, en Pieter balanceert al die jaren tussen vrees en hoop. Hij heeft nog maar één wens: zijn kinderen zien opgroeien. Na tien jaar en talloze ziekenhuisopnames onderging hij een harttransplantatie. We schreven er eerder over in ons magazine.

Pieter zelf schreef een boek, “Hart Gezocht” – hier te bestellen – over de periode van het lange wachten op een nieuw hart. “Hart gezocht is een openhartig dagboek vol emotie, spiritualiteit en relativering”, aldus de toelichting op Bol.com. “Het laat zien wat jarenlang ziek zijn en wachten inhoudt voor een patiënt en voor zijn gezin.”

Het boek is zeer de moeite waard. Een lezer schreef er een lovende recensie over, zo mooi dat we die graag publiceren: “Het boek “Hart Gezocht” is niet direct een boek dat je als impulsaankoop bij de boekhandel koopt” laat lezer Damen weten op Bol.com. “Het is ook geen boek van één van de vele bekende auteurs of ’n boek dat je wordt aanbevolen of dat is gebombardeerd als “deze moet je gelezen hebben”. Toch heb ik het boek, per toeval, gekocht en werd ik vanaf het begin gegrepen door passie, emotie en humor van de auteur in kwestie. Het boek is zowel boeiend, ontroerend als meeslepend en is het moeilijk het “even weg te leggen”. Pieter van de Rest weet de lezer op een ongelooflijk realistische manier, op meeslepende maar ook humoristische wijze, mee te nemen in een “zeer boeiend en tevens hartverwarmend verhaal” dat autobiografisch is geschreven. Dit bijzondere boek is meer dan de moeite van het lezen waard en laat je meeleven in het verhaal van een bijzonder mens! Beslist een aanrader!”

 

Eerste kunsthart in Nederland

Begin november is in het UMC Utrecht bij een patiënt met zeer ernstig hartfalen voor de eerste keer in Nederland een volledig kunsthart geïmplanteerd. Het kunsthart vervangt en neemt de functie van het gehele hart over. Het innovatieve kunsthart zorgt voor een verbeterde pompfunctie en bloedtoevoer waardoor de patiënt minder klachten ervaart. De implantatie van het kunsthart is succesvol verlopen. De patiënt maakt het goed en was binnen twee dagen van de Intensive Care.

In Nederland is er een groot tekort aan donorharten: jaarlijks staan er rond de 120 hartpatiënten op de wachtlijst voor een donorhart. Het innovatieve kunsthart biedt een uitkomst voor patiënten die vanwege hun kritieke situatie niet kunnen wachten op een harttransplantatie. Het UMC Utrecht is als topcentrum uitgekozen door de Franse fabrikant CARMAT SA om als eerste in Nederland het kunsthart bij een patiënt met zeer ernstig hartfalen te implanteren. Het kunsthart vervangt het zieke hart van de patiënt en neemt de volledige functie van het hart over. Het kunsthart wordt vastgemaakt aan de boezems van het hart, de grote lichaamsslagader en de longslagader. De anatomische vorm van het kunsthart is vergelijkbaar met die van het volwassen menselijk hart.

Succesvolle implantatie

De implantatie van het kunsthart bij de patiënt is succesvol verlopen en de eerste indruk is veelbelovend, stelt Faiz Ramjankhan, cardiothoracaal chirurg van het UMC Utrecht onder wiens leiding de operatie is uitgevoerd. “Het was een spannende operatie die veel voorbereidingen vergde. Met ons team zijn we sinds 2017 bezig om de implantatie van een kunsthart mogelijk te maken. Met het hele team hebben we de afgelopen maanden specifieke training sessies gevolgd om deze operatie uit te voeren. We zijn trots om als een van de eerste centra deel uit te mogen maken van de studie die deze nieuwe kunstharttechnologie onderzoekt. Als deze behandeling voldoende duurzaam blijkt te zijn kunnen we hierdoor veel meer patiënten behandelen die nu geen behandelopties hebben.”

Kunsthart en extern kastje

Het innovatieve kunsthart is uitgerust met pompen, vier biologische kleppen, sensoren, elektronica en geïntegreerde software. Ramjankhan: “Het voordeel van dit kunsthart is dat de buitenkant is gemaakt van de kunststof polyurethaan en aan de binnenkant is bekleed met biologisch materiaal uit het hartzakje van een rund. Het bloed wordt door een membraan voortgestuwd naar de lichaams- en longslagader. Hierdoor komt het bloed vooral in aanraking met biologisch materiaal.” Het kunsthart is verbonden via een kabel die aan de buikwand van de patiënt naar buiten uittreedt. Deze kabel is aangesloten op een controller en een set van vier batterijen die de patiënt altijd in een schoudertas meedraagt. De patiënt kan zich met deze schoudertas van ongeveer drie kilo vrij bewegen.

Zeer ernstig hartfalen

De eerste implantatie in Nederland van het kunsthart vond begin november plaats bij een 54-jarige man met ernstig biventriculair hartfalen. Zowel de linker als de rechter hartkamer functioneerden niet voldoende en dat leidde tot ernstige klachten zoals vermoeidheid, vasthouden van vocht en kortademigheid, in rust en bij inspanning. Een laatste mogelijke behandeling was een harttransplantatie in de toekomst, maar het wachten daarop zou te lang gaan duren voor deze patiënt en waarschijnlijk resulteren in overlijden. Het innovatieve kunsthart biedt een uitkomst voor patiënten die vanwege hun kritieke situatie niet kunnen wachten op een harttransplantatie. Daar is nog steeds een lange wachtlijst voor, omdat er een groot tekort is aan donorharten.

Verbeterde pompfunctie en bloedtoevoer

Het nieuwe kunsthart zorgt bij de patiënt voor een verbeterde pompfunctie en bloedtoevoer waardoor hij minder klachten ervaart. Linda van Laake, cardioloog en verantwoordelijk voor de patiëntselectie: “Via de innovatieve pompen, kleppen en sensoren past het kunsthart zich aan op de patiënt. Het menselijke hart pompt gemiddeld 4 tot 5 liters bloed per minuut rond in rust; bij inspanning neemt dit toe. Ook het kunsthart zal bij inspanning sneller gaan pompen. Een hoopgevende ontwikkeling is dat bij het kunsthart geen zware medicijnen nodig zijn die het afweersysteem onderdrukken. Dit is beter voor de weerstand en vermindert de kans op infecties. Naarmate het herstel van de patiënt vordert, kunnen activiteiten, zoals wandelen en fietsen, worden hervat.”

Studie veiligheid en werkzaamheid

Uiteraard wordt dit nieuwe kunsthart via medisch wetenschappelijk onderzoek gevolgd om de veiligheid, werkzaamheid en duurzaamheid bij patiënten met ernstig hartfalen te onderzoeken. Er is (nog) geen volledige vergoeding door de zorgverzekeraars.

Bron: UMC Utrecht

Eerste succesvolle DCD-hartdonaties (Heart-in-a-box) in Nederland

Artsen van het Erasmus MC, UMC Utrecht en UMC Groningen hebben de eerste DCD-hartdonatie-procedures in Nederland uitgevoerd. Het stilstaande hart van een overleden donor wordt buiten het lichaam in een machine geplaatst waar het weer gaat kloppen na toevoer van zuurstof en bloed. Vervolgens wordt het hart getransplanteerd.

Circulatiestop

Hartdonatie was voorheen alleen mogelijk bij een hersendode donor. Bij meer dan de helft van het aantal overleden donoren (in 2020 bij 150 van de 250 donoren) was er echter sprake van donatie na een circulatiestilstand (DCD, Donation after Circulatory Death). Bij deze donoren was het niet mogelijk om het hart te transplanteren. Een landelijk tekort aan donorharten was de reden van de UMC’s om deze techniek in Nederland in te zetten in samenwerking met de NTS en het ministerie van VWS.

Wachtlijst donorhart

Er staan rond de 120 hartpatiënten op de wachtlijst voor een donorhart. De sterfte op wachtlijst is hoog. Een op de zeven overlijdt omdat er niet tijdig een donorhart beschikbaar is. Cardiothoracaal chirurg Niels van der Kaaij, UMC Utrecht ‘De 3 UMC’s hebben berekend dat DCD-hartdonatie landelijk uiteindelijk tot ongeveer veertig extra hartdonoren per jaar kan opleveren. Een verdubbeling van het aantal harttransplantaties dat op dit moment gedaan wordt. En dat is hard nodig, want door het enorme tekort aan donorharten sterven er jaarlijks mensen op de wachtlijst’.

DCD-hartdonatie wereldwijd

De DCD-hartdonatieprocedure is wereldwijd al in enkele landen (onder meer in Australië, USA, België, UK en Spanje) uitgevoerd. Recentelijk kwam de National Health Service (UK) naar buiten met een bericht dat zes kinderen tussen de 12 en 16 jaar gered waren dankzij DCD-hartdonatie.

Het projectteam

De procedure is mogelijk gemaakt dankzij subsidie van VWS en de samenwerking tussen drie UMC’s; UMC Utrecht, UMC Groningen en Erasmus MC. De NTS regelde de kaders waarbinnen het project nationaal uitgerold kon worden.

Bron: Nederlandse Transplantatie Stichting

Corona: minder transplantaties

Door de coronapandemie is er een lichte daling (4%) te zien in het aantal transplantaties na overlijden in 2020 (733) in vergelijking met 2019 (770). Bij nier- en levertransplantaties door levende donoren gaat het om een afname van 25% (in 2020: 390, in 2019: 523). Dat blijkt uit de voorlopige jaarcijfers van de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS).

In mei 2020 werd al voorzien dat het aantal transplantaties niet zou toenemen. Vanuit dat perspectief vallen de cijfers uiteindelijk nog mee in dit allesbehalve normale jaar. De coronapandemie zorgt voor aanhoudende druk op de zorgcapaciteit en op het transplantatieproces.

Uit de cijfers blijkt verder dat de actieve wachtlijst voor orgaantransplantatie in het afgelopen jaar stabiel is gebleven. Op 31 december 2020 stonden 1257 patiënten op de actieve wachtlijst, ten opzichte van 1271 op 31 december 2019.

Bernadette Haase, directeur van de NTS: “De coronapandemie leidde tot een dip in aantallen transplantaties, zeker in maart, april en mei. Gegeven de complexe omstandigheden hebben er uiteindelijk nog behoorlijk veel donatieprocedures en transplantaties plaatsgevonden. Wij hebben grote waardering voor alle medisch specialisten die in het afgelopen jaar werkelijk alles hebben gedaan om medische zorg te verlenen waaronder orgaandonatie en transplantaties.”

Zij vervolgt: “De coronamaatregelen zijn van het grootste belang zodat er voldoende capaciteit overblijft voor reguliere zorg aan patiënten, zoals nier-, lever-, hart- en longtransplantaties.”

Donatie en transplantatie zorgvuldig en veilig

Direct na de uitbraak van het coronavirus is er door alle betrokken organisaties hard gewerkt om ervoor te zorgen, dat ook nu donaties en transplantaties zorgvuldig en veilig kunnen plaatsvinden. Zo zijn er aanvullende COVID-19 protocollen en draaiboeken ontwikkeld, die direct werden toegepast in de praktijk.

Actieve wachtlijst stabiel, wisselend beeld per orgaan

Het aantal actief wachtende patiënten op een orgaan is met 1257 patiënten stabiel gebleven. Al zijn er wel verschillen tussen organen. Terwijl het aantal patiënten dat wacht op een donorhart is gestegen. Van 116 (eind 2019) naar 133 (eind 2020). De grootste groep actief wachtenden zijn nierpatiënten (in totaal 828 op eind 2020) is ongeveer gelijk gebleven. Wat de exacte effecten zijn van de coronapandemie op de hoogte van de wachtlijsten vergt nog nader onderzoek.

Donorregister: maak zelf je keuze en deel het met je naasten

In 2021 wordt de Actieve Donorregistratie verder ingevoerd. Voor 1 juli 2021 staat iedere Nederlander in het Donorregister. Bernadette Haase: “Of je uiteindelijk kiest voor ‘Ja’, ‘Nee’ of ‘Geen bezwaar’, is volledig aan mensen zelf, maar verdiep je vooral, maak de keuze vooral bewust en spreek er over met je naasten”.

Samen met het ministerie van VWS organiseert de NTS voorlichtingsbijeenkomsten (nu veelal online of op anderhalve meter) om mensen te informeren. Verder is alle informatie te vinden op www.donorregister.nl en www.transplantatiestichting.nl

Bron: Transplantatiestichting