default-header
HomeHartverhalenZo ben je gezond en zo ben je een hartpatiënt
Hartverhaal

Zo ben je gezond en zo ben je een hartpatiënt

donderdag 1 januari 1970, door h.slagternwl

Zo ben je gezond en zo ben je een hartpatiënt  

Mijn naam is Ilonka Hoving en ik ben 20 jaar oud. Tot december 2007 was ik een gezonde meid, Ik volgde een MBO opleiding, ging sporten met mijn zus, ging in het weekend uit, werkte de hele zaterdag, deed leuke dingen met mijn vriendinnen en stond iedere zondag op het voetbalveld te kijken naar mijn vriend.Natuurlijk had ik ook wel eens een griepje of een ontstoken oog, maar daar hield het dan ook echt mee op. 
Maar in December 2007 is mijn leven drastisch veranderd. Ik was een beetje grieperig, maar goed iedereen heeft wel eens een griepje, niets aan de hand dus. Na een weekje ging het dan ook al weer beter en ik ging weer naar stage en aan het werk, Na een paar dagen voelde ik me weer aardig beroerd, maar wonderlijk genoeg ging dat ook weer over. Tot ik weer aan het werk was en ik behoorlijk begon te zweten en weer enorm aan de diaree was. Ik had net een drukke periode achter de rug met mijn rijexamen en mijn vorige stage, dus wij dachten dat het daardoor kwam.
De hele december maand ging het zo door met mijn gezondheid, een leuke sinterklaas en oudjaar heb ik dan ook niet gehad omdat ik mij niet lekker voelde.
Ik ben deze maand vaak ziek naar huis gegaan van het werk, eind december ben ik dan ook de ziektewet in gegaan.  

Op 7 januari besloot ik naar de huisarts te gaan om een antibioticakuur te halen.Bij de dokter aangekomen deed ik mijn verhaal, tijdens de onderzoeken die ze deed viel haar op dat mijn hartslag erg hoog was, iets waar ik niet bekend mee was. Ze maakte een ECG (hartfilmpje) en besloot een uitgebreid bloedonderzoek te doen, want ze had namelijk het gevoel dat mijn klachten door mijn schildklier veroorzaakt werden.
Ik moest direct bloedprikken en de volgende dag terugkomen voor de uitslag.Een behoorlijk aantal buisjes bloed en veel uren slaap later zat ik weer bij de huisarts. Gek genoeg was de uitslag van het bloed helemaal goed, dus geen schildklieraandoening. De dokter vond mijn te hoge hartslag wel verontrustend en besloot mij door te sturen naar de internist, ondertussen moest ik in het ziekenhuis alvast een hart/long foto laten maken.
11 dagen later kon ik gelukkig al bij de internist terecht, ik voelde me ook behoorlijk ziek. De klachten die ik op dat moment had waren: kortademigheid, koud, zweten, pijn in heel mijn lichaam, druk op mijn borst, steken bij mijn linkerborst en vreselijk moe. Ik kon nog geen 300 meter lopen en hoeveel ik ook sliep, ik bleef vreselijk moe.  

Ondertussen ging ik naar school en stage en werkte ik iedere zaterdag twee uur op basis van therapie. Na school, stage en werk sliep ik omdat ik kapot was. Maar ik moest van mezelf, want ik zat ik mijn afstudeer jaar. Bovendien vond ik dat ik van ziek thuis blijven ook niet beter werd. Op dat moment bestond mijn leven uit slapen, liggen, met moeite naar school en werk gaan, pijn in mijn ledermaten en een ondragelijke moeheid. Leuke dingen doen kon ik niet meer opbrengen, ik lag s`avonds om 8 uur op bed en in het weekend kon ik het soms tot half 10 volhouden.

Ondertussen was de dag aangebroken dat ik naar de internist kon. De internist onderzocht mij en bekeek mijn hart/long foto samen met een longarts. De internist zag dat er iets mis met mij was, maar dit had niets met zijn vakgebied te maken. In overleg werd ik doorverwezen naar de longarts, gelukkig kon hier ik gelijk terecht.Ik werd weer onderzocht en geprikt op suikerziekte, ondertussen vertelde de longarts dat hij dacht dat ik een ademhalingsprobleem had. Uit het lichamelijk onderzoek bleek ook dat ik een hartruisje had, hiervoor werd in doorverwezen naar een cardioloog. Ondertussen moest ik wat blaastesten doen en werd mij verteld waardoor je een te hoge hartslag kan hebben.
Er werd mij door de longarts meerdere malen gevraagd of ik geen problemen had en of het allemaal goed ging in mijn hoofd. Hartklachten kunnen namelijk ook veroorzaakt worden door psychische problemen.
In de periode totdat ik naar de cardioloog kon, was ik in mijn hoofd veel bezig met wat de longarts had gezegd. Ik heb er veel over nagedacht, maar ben tot de conclusie gekomen dat ik geen idee had waar dit alles vandaan kwam. In mijn hoofd had ik in ieder geval alles op een rijtje, dus psychische problemen waren niet aan de orde.  

Bij de cardioloog werd zichtbaar dat het hartruisje dat was geconstateerd niets ernstigs was, daar konden mijn klachten niet vandaan komen. Ook op de hartecho waren geen gekke dingen te zien, alleen mijn hoge hartslag viel op. De cardioloog liet aan zijn houding en toon merken dat hij het onzin vond dat ik naar hem was doorverwezen, dat bezorgde mij een vervelend gevoel. In mijn te hoge hartslag zag de cardioloog geen problemen, hij besloot mij te testen op pfeiffer en ik werd weer terug gestuurd naar de longarts. 

Voor de longarts moest ik verschillende blaastesten doen en ik kreeg een allergietest, helaas haalde dat niets uit net als alle bloedonderzoeken.De longarts besloot mij door te sturen naar een longarts in het UMC Groningen, omdat ze daar meer gespecialiseerd zijn en meer ervaring hebben met hart en long afwijkingen in mijn leeftijdscategorie. Helaas duurde het erg lang voordat ik hier terecht kon, er was zo weer een maand voorbij en ik voelde me langzamerhand steeds slechter. 
Tegen de fietstest zag ik best op, ik zou namelijk een infuus in mijn polsslagader krijgen en dat zou niet prettig zijn. Ik weet nog goed dat ik de behandelkamer binnen kwam, en mijn oog gelijk viel op een tafeltje vol spuiten. Achteraf gezien had ik mij nergens druk om hoeven maken, ik heb het nauwelijks gevoeld. De fietstest was vermoeiend, ik was kapot.
De uitslag van de fietstest was niet goed, mijn hartslag was niet zoals het hoorde en ze waren daarmee niet tevreden. 

Vanuit het UMC Groningen werd ik voor verdere behandeling weer terug gestuurd naar de longarts in mijn eigen ziekenhuis.
In de tussentijd is er nog een CT-scan gemaakt, dit omdat er gedacht werd aan een longembolie. Maar ook deze uitslag was goed. Ik weet nog hoe ik hoopte dat dit het was, dan konden ze me in ieder geval beter maken. 

Op dat moment zaten we alweer in april, en ik was nog steeds erg ziek. Er waren al verschillende dingen uitgesloten, maar wat er met me aan de hand was wisten ze nog niet. School deed ik nog steeds met de nodige moeite, soms bleef ik thuis omdat ik het niet kon opbrengen. Ook werkte ik nog steeds iedere zaterdag twee uur op basis van therapie.
De longarts had sterk het gevoel dat mijn klachten bij mijn hart weg kwamen, over een ademhalingsprobleem heeft hij het niet meer gehad.
Met de verdenking op een hartlekje ben ik weer naar de cardioloog gestuurd, het was frustrerend om steeds van de ene naar de andere specialist te worden gestuurd zonder enig resultaat.
Met deze doorverwijzing was ik weer een maand verder, want de cardioloog vond het niet nodig dat ik eerder kwam. In de tijd dat er niets gebeurde namen mijn klachten toe, vooral de druk en steken bij mijn borst ook had ik steeds meer pijn en raakte ik sneller vermoeid. 

Toen ik weer bij de cardioloog zat zei deze letterlijk tegen mij: ‘Nou ze weten het bij de longarts niet meer dus hebben ze het weer op ons bordje gegooid, nou dan moeten wij er maar weer wat mee doen.’ En ook tijdens de hartecho liet hij duidelijk merken dat hij het onzin vond dat ik bij hem was, dit deed hij door tegen de radioloog te zeggen waar ik bij was: ‘Ach wat een onzin niet, ik snap het ook niet hoor er is ja niks mis.’ En of die opmerkingen nog niet genoeg waren zei hij het volgende op een zeer sarcastische manier toen ik vertelde dat ik steeds vreselijke steken bij mijn borst had: “Nou meisje maak je daar maar geen zorgen om, dat is niets.” Ik was zo gefrustreerd en verdrietig door zijn vervelende opmerkingen, dat ik op een hele felle en botte manier reageerde met: ‘NOU MAAR IK HEB ER WEL LAST VAN HOOR!!’
Elke specialist had steeds veel begrip getoond voor mijn situatie, nog niemand had mij zo erg geraakt als dat deze cardioloog op dat moment deed. Alsof het lange ziek zijn nog niet moeilijk genoeg voor mij was.
Sinds het moment dat ik zo gereageerd heb, is mijn cardioloog erg veranderd. Van een botte man was hij veranderd in een begripvolle lieve man, ik denk dat hij geschrokken is van zijn eigen opmerkingen. 

De cardioloog legde uit wat hij van plan was. Hij wilde een holteronderzoek en een hartkatherisatie doen, en daarna verder kijken. Een holter onderzoek betekend dat je een kastje krijgt die 24 uur je hartslag nauwkeurig meet.Bij een hartkatherisatie gaan ze via je lies met katheterslangetjes, via je aders en slagaders bij je hart kijken. Hier kunnen ze verschillende dingen mee zien.
De onderzoeken waren gelukkig niet voor niets geweest, er is uitgekomen dat ik hartritmestoornissen heb. Achteraf gezien waren die verantwoordelijk voor de steken bij mijn borst.

Aan de manier van doen mijn cardioloog kon ik merken dat hij zich probeerde te verontschuldigen. Hij besloot gelijk om mij medicijnen te geven, ik kreeg de Verapemil. We hadden het gevoel dat het iets beter ging, al werden mijn klachten niet minder.De cardioloog besloot mij door te sturen naar een ritmecardioloog in het UMC Groningen. Ze zijn daar gespecialiseerd in ritmestoornissen en voeren daar ook katheterablaties uit. Een katheterablatie is een soort hartkatheterisatie, alleen branden ze dan de ritmestoornis als het ware weg. Je hoeft dan geen medicijnen meer te slikken.
In de tijd dat ik moest wachten dat ik naar het UMC Groningen mocht, ging ik behoorlijk achteruit. Van de werking van de Verapemil kon ik helemaal niets meer vernemen. Achteraf gezien denk ik dat de medicijnen nooit hebben gewerkt. Maar dat ik wou zo graag dat er wat gebeurde, dat ik mezelf gewoon even voor de gek heb gehouden.  

Ondertussen heb ik gelukkig mijn MBO diploma weten te halen. Ik heb geluk gehad dat ik van nature een doorzetter ben, anders had ik het nooit gered.
Nu op naar mijn HBO opleiding, dat duurde nog een paar maand. Dus had ik nog even om beter te worden.
Mijn leven was behoorlijk veranderd vanaf december 2007, ik was afhankelijk geworden van anderen en ik kon niet veel meer voor anderen betekenen. Dit deed mij erg veel pijn, het liefst doe ik veel dingen zelf en wil er graag voor anderen zijn. Ik betrapte mezelf er op dat ik soms minder geïnteresseerd was in anderen, ik had het te druk met mezelf. Hier voelde ik mij erg schuldig om, maar ik kon er helemaal niets aan doen.
Gelukkig toonden de mensen die dicht bij mij staan veel begrip, dit luchtte wel erg op. Mijn vriend had het best zwaar deze periode, ik kon geen leuke dingen met hem doen en als hij bij mij kwam betekende dat op de bank zitten tv kijken. Ondertussen ging hij vaak met vrienden op stap, maar miste mij extra als hij zijn vrienden met hun vriendin zag. Ik heb heel veel steun aan mijn vriend gehad, hij was constant erg geduldig, maakte me aan het lachen en veraste me vaak met een cadeau. Mijn vriend bleef me altijd steunen, maar tegelijkertijd voelde ik mij heel erg schuldig naar hem toe. Ik vond dat ik geen goede vriendin voor hem was, omdat ik er niet altijd voor hem kon zijn. Hier heb ik het een tijd heel moeilijk mee gehad, ik zag er naar uit om weer dingen samen te doen en dingen te ondernemen.
Aan mijn ouders en zus heb ik ook veel steun gehad, ze wilden constant alles voor mij doen en niets was ze teveel. Ook naar hun toe voelde ik mij vaak bezwaard om dingen te vragen, ik haat het om afhankelijk te zijn van anderen. Ze hebben mij ook heel erg verwend. Zo namen ze lekkere dingen mee als ze weg waren geweest, betaalden dingen voor me en gaven me leuke cadeaus.
Ik moet zeggen dat deze dingen mij goed deden, het liet mij zien hoe erg ze met mij meeleefden. Ik heb aan veel meer mensen steun gehad, onder andere mijn familie en mijn twee vriendinnen. Ze kwamen vaak langs, belden me vaak en leefden heel erg met mij mee.
Van sommige mensen vond ik het ook verassend hoe ze met mij mee leefden en hoe ze zich in mij probeerden te verplaatsen. Daarentegen waren er ook mensen waarvan ik meer begrip en belangstelling had verwacht, dat heeft mij veel verdriet gedaan. Op een gegeven moment kwam ik op het punt dat ik mij er even niet meer druk om komen maken, ik dacht ‘laat ze maar’. Daar kwam bij dat ik het ook gewoon even te druk had met mezelf, met het ziek zijn.
Ik moet wel zeggen dat ik nooit heb geweten dat ik psychisch zo sterk stond en dat ik zo goed kon relativeren. Van mijn hele ziek zijn periode heb ik psychisch eigenlijk niet veel problemen ondervonden. Natuurlijk was het frustrerend en deed het me veel pijn, maar ik kon nog heel helder denken en alles goed overzien. 

In juli mocht ik naar de ritmecardioloog in het UMC Groningen. Het is altijd weer afwachten wat voor arts je krijgt, maar gelukkig was dit een hele vriendelijke, begripvolle en vooral duidelijke man. Hij legde mij alles heel duidelijk uit, zodat ik er ook wat meer van begreep.
Omdat de Verapemil te weinig werking had op mij, stapte ik over op het medicijn Metoprolol. Ik kreeg weer een holteronderzoek en er werd een fietstest gepland om te kijken wat dit medicijn met mijn hart zou doen. Uit het holteronderzoek bleek dat ik niet in aanmerking zou komen voor katheterablatie, mijn ritmestoornis lag in mijn sinusknoop (prikkelgever van het hart) en het is te gevaarlijk om daar in de buurt te branden. Nadat ik vijf dagen de Metoprolol gebruikte en me nog slechter voelde als met de Verapemil, besloot mijn cardioloog dat ik weer moest overstappen op de Verapemil. In de weken die kwamen ging ik behoorlijk achteruit, maar toch werkte nog drie dagen in de week 2 uur op basis van therapie. Want van thuis zitten werd ik immers ook niet beter en zo kon ik mijn sociale contacten een beetje bijhouden. Werken ging redelijk, tot op de dag van 22 augustus.
Ik was vlees aan het snijden, en ineens werd ik erg misselijk en voelde ik mij raar. Ik dacht alleen maar ‘ik moet hier weg, zitten ofzo’, ik ben toen vier meter verderop gaan staan want verder kwam ik niet. Ik zweette, had het koud, mijn oren suisden, ik had pijn in mijn lichaam, was misselijk en ongelofelijk moe. ‘ik moest gaan zitten, anders zou ik in elkaar zakken’ Ik ben naar de muur gelopen en heb me via de muur op de grond laten zakken. Ik voelde mij niet goed, het werd zwart voor mijn ogen en alles draaide. Na een poosje zakte het een beetje af, maar zodra ik weer ging staan begon alles opnieuw. Na tien minuten werd het beter en mijn zus heeft mij naar huis gebracht. Daarna ben ik gelijk met mijn moeder naar de huisarts gegaan.
Ondanks de medicatie die ik gebruikte was mijn hartslag weer veel te hoog, de huisarts vond dit niet goed en stuurde mij naar de spoedeisende hulp van het UMC Groningen.
Op de spoedeisende hulp werd ik aan de monitor gelegd, er werd bloed geprikt en ik werd onderzocht. Het bloed was zoals gewoonlijk weer goed, alleen mijn hartslag was veel te hoog. Maar ondanks dat werd ik gewoon naar huis gestuurd, ‘lekker uitrusten’ werd er gezegd.Na deze dag ben ik  behoorlijk achteruit gegaan en heb ik flink moeten inleveren. In plaats van 300 meter kon ik nog maar 100 meter lopen, ik kon niet meer autorijden, ik kon niet lang meer zitten en ga zo maar door.
Na deze dag ben ik volledig de ziektewet in gegaan op het werk, ik kon het lichamelijk niet meer aan.

Voorheen ging ik nog wel eens met mijn ouders of zus mee boodschappen doen, maar het lopen kon ik niet meer volhouden. Mijn wereldje werd kleiner, en ik werd steeds afhankelijker van anderen. Ik kan me nog goed herinneren dat mijn moeder op een gegeven moment een rolstoel heeft gehaald ‘zo’ zei ze, ‘dan kan je soms nog even mee op boodschap, anders kom je nergens meer’ Ik denk dat dit moment mij emotioneel gezien het meeste pijn heeft gedaan, ik werd geconfronteerd met de werkelijkheid, want goed ging het niet met me. Ik wilde echt niet in zo`n ding zitten, mensen kunnen niet aan mij zien dat ik ziek ben en snappen niet waarom ik in een rolstoel zit. Ze zullen vast denken dat ik me aanstel. Op zulke momenten zie je hoe kortzichtig sommige mensen kunnen zijn en hoe snel ze klaarstaan met hun oordeel. Ik was doodsbang dat ik  bekenden tegen zou komen en tegen het onbegrip van anderen aan zou lopen. Ook was het zitten in de rolstoel erg vermoeiend.
Maar veel keus had ik niet, het moest soms maar even. 

Een paar weken nadat ik niet lekker was geworden op het werk moest ik een fietstest doen, en zoals verwacht was die niet goed. Daarom werd er besloten mij op te nemen in het ziekenhuis, ze wilden andere medicijnen proberen.
Ik kreeg het medicijn Procoralan, dit was een redelijk nieuw medicijn. Maar ook bij dit medicijn voelde ik mij niets beter, zaalarts was daarentegen wel tevreden en zei dat mijn hartslagfrequentie naar beneden was gegaan. Ondanks dat ik mij nog niet goed voelde besloot hij mij naar huis te sturen, want het medicijn sloeg aan. Achteraf hebben ze mij veel te snel naar huis gestuurd, want na een week ging mijn hartslag weer omhoog en was ik terug bij af.
De cardioloog wilde dat ik ging revalideren bij Beatrixoord in Haren. Zelf vroeg ik mij af hoe ik kon revalideren als ik nog steeds zo ziek was. Gelukkig waren ze het in Beatrixoord met mij eens, en besloten ze dat ze in het ziekenhuis eerst maar verder moesten zoeken.

We zaten op dat moment alweer in september, dat betekende dat ik met mijn HBO opleiding zou beginnen. Maar na twee halve introductiedagen te hebben bijgewoond, moest ik toch aan mijzelf toegeven dat ik dit lichamelijk niet aan kon. Eerst maar beter worden en dan beginnen met een opleiding. Ik was rust nodig, ook al rust ik niet uit van slapen en liggen, iets anders kon ik niet.
Gek genoeg ging ik hier beter mee om dan ik ooit van mezelf had verwacht, ik was rustig en kon alles goed relativeren. Het had geen zin om me druk te maken, daar was ik overigens ook veel te moe voor. Ik ging verder met de strijd om beter te worden.  

In de tijd nadat ik was ontslagen uit het ziekenhuis ben ik nog naar een systeeminternist gestuurd en kreeg ik weer een holteronderzoek.Op de holter waren mijn ritmestoornissen te zien, maar bij de systeeminternist is er niets uit de testen gekomen. De cardiologen liepen enigszins vast en wisten niet meer wat ze moeten doen, Vaak werd mij verteld dat ik qua gezondheidsproblemen een lastig patiënt ben. Ik werd vaak besproken in het team van specialisten en werd ondertussen helemaal lek geprikt. Ik was onder andere geprikt op: Schildklier, Pfeiffer, Lyme, ALS, Hepatitis B, Suikerziekte en de meest gekke andere ziektes. Helaas kwam steeds niets uit het bloed, maar wat was het dan wel?
Ook dat jaar heb ik geen leuke sinterklaas, kerst en oud en nieuw gehad. Ik heb alleen maar op de bank of op bed gelegen. 

In januari werd weer besloten om mij op te nemen in het ziekenhuis, omdat ook de Procoralan niet voldoende hielp. Ik zou in het ziekenhuis worden ingesteld op de Tambocor, medicijn nummer vier!!
Ondertussen werd ik ook nog getest op vitamine B12, en deze bleek onder de onderwaarde te zitten. Het zou kunnen dat een aantal van mijn klachten hierdoor veroorzaakt werden. Toch wilden ze nog even wachten met het spuiten van B12, omdat ze eerst wilden zien wat de Tambocor zou doen.
Maar helaas, de Tambocor werkte helemaal niet. De Procoralan deed meer dan de Tambocor. Ik had een hartslag van 150 en ik voelde me enorm slecht, ik begon er zo langzamerhand aan te wennen dat niets hielp. Ik lees een gedichtje en de tranen lopen over mijn wangen, is het zo dan niet genoeg geweest?! Ik vind dat ik genoeg heb geleden, nu is iemand anders aan de beurt.
De artsen kozen ervoor om mij naar huis te sturen zonder enige medicatie te geven voor mijn hart, ze wilden het proberen met de B12 spuiten. Ze wisten het verder gewoon niet meer. 

Ik kreeg mijn eerste B12 spuit in het ziekenhuis en kon daarna naar huis, twee weken later zou ik de volgende spuit kunnen halen bij de huisarts. Ik kwam nog zieker thuis dan dat ik naar het ziekenhuis was gegaan. Mijn hartslag was zo hoog dat ik erg trilde en al mijn klachten er nog eens in vijf fout bij kreeg.
Op dat moment had ik geen medicijnen meer voor mijn hart, omdat ik toch niet goed genoeg reageerde op de medicijnen. Op het moment dat ik geen medicijnen gebuikte, vernam ik pas dat het medicijn Procoralan al die tijd toch echt wel wat had gedaan. Ik voelde mij er niet goed bij, maar het hield mijn hartslag wel onder de 130. Zonder medicijnen voelde ik mij zo slecht dat ik besloot naar de huisarts te gaan, want met een hartslag van 150 leven ging niet.

De huisarts vond ook dat mijn hartslag veel te hoog was en dat ik inderdaad medicijnen nodig was. Mijn huisarts dacht aan een medicijn, de Propranolol. Dit was een beetje een vergeten middel, maar wel een bèta blokker en dus ook voor hartritmestoornissen. Hij besloot mij dit voor te schrijven en ik moest vier dagen later weer komen, ik had toch niets verliezen, het kon alleen maar beter worden.Vier dagen later zat ik weer bij de huisarts en gek genoeg sloeg het medicijn aan. Ik had een hartslag van 75, zo laag had ik hem nog nooit gehad sinds ik ziek was geworden. Eindelijk kreeg ik een keer goed nieuws, ik had echt een wonderdokter!!
Hadden ze dit middel maar eerder voorgeschreven, want dit was ik nodig.  

Ik gebruik dit medicijn nu een week, en ik ben de druk en steken bij mijn borst bijna helemaal kwijt. Ik ben nog wel steeds erg moe, heb nog veel pijn en zweet nog veel. Maar dit kan in de loop van de tijd beter worden, want een conditie heb ik nu ook helemaal niet meer naar een jaar ziek zijn. Dat moet weer beter worden met therapie. Mijn dokter heeft besloten eerst nog even door te gaan met het geven van vitamine  B12 spuiten, sowieso om mij een oppepper te geven en wie weet doet het nog wel meer.
Er zullen nog wel een aantal onderzoeken komen en aan de medicijnen zit ik vast, maar dat maakt me niet uit. Ik kan straks in ieder geval weer wat. Ik weet dat mijn herstel periode nog een hele tijd zal gaan duren, en ook heel veel van mijn lichaam zal vragen. Ik heb zolang op dit moment gewacht, dat ik er helemaal klaar voor ben.

Ik ben al blij als ik weer 50% ben van wat ik was, dus ik zal mij volledig inzetten. Kom maar op met die therapie!Ik kan nu in ieder geval weer een beetje vooruit kijken, iets wat ik een lange tijd niet meer durfde. Want ja je weet niet hoe het verder gaat, wat je hebt en wat je er aan over houd. Als het straks weer beter gaat, wil ik in ieder geval meer genieten en me niet meer overal druk om maken.Want als je eenmaal weet dat je leven in een klap kan veranderen, dan weet je wel weer hoe belangrijk leven is!!  

ILONKA


Geef een reactie