default-header
HomeNieuwsFysieke training bij chronisch hartfalen

Fysieke training bij chronisch hartfalen

maandag 19 juli 2010, door Hartpatiënten Nederland

Chronisch hartfalen: een ware epidemie én een therapeutische uitdaging
Vergrijzing van de Westerse bevolking en meer efficiënte therapeutische mogelijkheden om patiënten met hart- en vaatziekten in leven te houden,

leiden tot een groeiende groep van patiënten met hartfalen. Chronisch hartfalen is, ondanks optimale behandeling, een  progressieve aandoening die de levenskwaliteit en de overleving van de patiënt aanzienlijk compromitteert.

Onderzoek naar nieuwe behandelingsmethodes vergt inzicht in de verschillende facetten die het syndroom karakteriseren. Het is dan ook belangrijk te erkennen dat het falende hart geleidelijk aanleiding geeft tot suboptimaal functioneren van andere organen. Het endotheel, de ééncellige laag die bloedvaten bekleedt, speelt hierin een cruciale rol. Disfunctioneel endotheel, niet alleen ter hoogte van de kransslagaders, maar ook ter hoogte van de skeletspieren, leidt op zijn beurt weer tot progressie van het hartfalen en zo ontstaat een vicieuze cirkel.

Kan fysieke training de vicieuze cirkel doorbreken?

Fysieke revalidatie lijkt een unieke strategie te zijn om de verschillende aspecten van chronisch hartfalen te tackelen. Door training verbetert niet alleen de hartfunctie en de spierkracht; ook de gestoorde endotheelfunctie en reactiviteit van bloedvaten wordt hersteld. Stilaan raken de enigmatische effecten van fysieke training bij dergelijke fysiek sterk gecompromitteerde patiënten opgehelderd.

Endotheeldisfunctie ontstaat wanneer het delicate evenwicht tussen afbraak en regeneratie verstoord is. De detectie en beschrijving van de endotheliale progenitorcellen (EPC) in 1998, die afkomstig zijn uit het beenmerg, kondigde de ontwikkeling van een nieuw en fascinerend vasculair onderzoeksdomein aan. Het paradigma dat alleen mature endotheelcellen andere endotheelcellen konden vervangen, werd dan ook op slag verworpen.

Voor haar doctoraatsonderzoek ging dr. Emeline Van Craenenbroeck (Laboratorium Moleculaire en Cellulaire Cardiologie, Universitair Ziekenhuis Antwerpen) na of de verbetering van de endotheelfunctie na fysieke training, gemedieerd wordt door EPC. Hieruit bleek dat patiënten met hartfalen die een revalidatieprogramma doorliepen, een significante verbetering in het aantal en de functie van EPC ontwikkelden. Dit vertaalde zich klinisch in een toename van de reactiviteit van perifere bloedvaten, betere fysieke prestaties en een gunstige effect op levenskwaliteit.

Verder werd onderzocht welke veranderingen reeds optreden na een éénmalige inspanning. Verrassend bleek dat een korte inspanning voldoende krachtig is om  de disfunctionaliteit van EPC -één kenmerk van hartfalen- niet alleen te verbeteren maar zelfs te normaliseren. Dit effect op EPC, geïnduceerd door een dergelijke maximale inspanning, was meer uitgesproken naarmate de ziekte zich in een verder gevorderd stadium bevond. Ook bij gezonde personen zonder endotheeldisfunctie, werden EPC acuut vrijgesteld uit het beenmerg na een maximale inspanning.

Uit deze studies wordt geconcludeerd dat EPC inderdaad een belangrijke bijdrage leveren in  het herstel van de vaatreactiviteit bij patiënten met hartfalen die regelmatig fysiek actief zijn. patiënten met een duidelijke respons na een éénmalige inspanning zijn ook diegenen die uit fysieke training de grootste voordelen halen. Mogelijk is het acute EPC-effect een nieuwe biomerker om “responders” te identificeren. Indien deze hypothese in de toekomst kan bevestigd worden, opent dit beloftevolle wegen om het trainingsvoorschrift aan te passen aan de noden van de individuele patiënt.

Preventie is de meest succesvolle therapie

Om een efficiënte aanpak van de groeiende epidemie van hart- en vaatziekten te garanderen, dient de “moderne mens” wakker geschud. Preventie van hart- en vaatziekten is niet langer en simpelweg de verantwoordelijkheid van geneesheren. Naast de klassieke risicofactoren, zoals roken, cholesterol, suikerziekte, overgewicht en stress, blijkt een sedentaire levensstijl in sterke mate nefast. Het feit dat 60 à 70 % van onze bevolking onvoldoende lichaamsbeweging heeft, is absoluut onrustbarend. Voldoende fysieke activiteit is nodig om de ontwikkeling en progressie van atherosclerose af te remmen. De multipele effecten van regelmatig bewegen zijn niet vervangbaar door een “magische pil”.

Een belangrijke boodschap van dit proefschrift is dat fysieke beweging de herstelmechanismen stimuleert die nodig zijn  voor het behoud van de integriteit van bloedvaten.

Deze wetenschappelijk onderbouwde informatie zou gezonde mensen, patiënten én hun artsen moeten aanzetten om beweging te incorporeren in een gezonde levensstijl.

Bron: UA