Welkom in het eerste Hartbrug-Magazine van dit jaar. Allereerst wil ik iedereen van harte danken voor de reacties op mijn vorige verhaal over de ‘farmareuzen’. Mooi om de meningen van lezers te horen, en zelfs van mensen die werkzaam zijn/waren in de farmaceutische industrie.

Als het goed is, heeft de ontwikkeling van de voedingsleer gelijke tred gehouden met die van de medische wetenschap. Ze zijn immers nauw verwant.

Vroeger was het een stuk overzichtelijker. Ik herinner me uit mijn prille jeugd maar één voedingssupplement: levertraan. Eén eetlepel voor het naar bed gaan. Later kwam daar de Melkbrigade bij.

We leven in een tijd van leeftijden. Blijkbaar. Zelf heb ik er meestal maar een, en een enkele keer nog een tweede. Als de eerste lentezon schijnt bijvoorbeeld en je fietst met de wind in de rug door de stad alsof je weer een jonge vent bent.

Een jubilerende organisatie als de onze kijkt terug op veertig jaar, waarin het landschap totaal en ingrijpend wijzigde. Zowel letterlijk als figuurlijk. De hartpatiënt van nu is bijna niet meer te vergelijken met de hartpatiënt van toen.

Een jubilerende organisatie als de onze kijkt terug op veertig jaar, waarin het landschap totaal en ingrijpend wijzigde. Zowel letterlijk als figuurlijk. De hartpatiënt van nu is bijna niet meer te vergelijken met de hartpatiënt van toen.

Ik was ziek, dat heeft u gemerkt. Veel lezers van Het Parool wensen me beterschap. Ik schreef voor hen een klein verslag van die ziekte:
Eind juli, in feite aan het begin van mijn vakantie – alleen de recepten zou ik in die tijd nog doorgeven – werd ik overvallen door een zware aanval van de hik.

Angst en onzekerheid zijn slechte raadgevers. Een open deur, maar hoe vaak laten we ons niet door angst leiden en maken dan helaas de verkeerde beslissingen.

Het lijkt me een denkfout er van uit te gaan dat alleen de multinationals, de industrie, bezig zijn de consumenten een rad voor ogen te draaien met o.a. de ingrediënten die ze zgn. voor onze gezondheid aan voedingsmiddelen toevoegen.

In de vorige aflevering van Hartbrug schreef ik over de uiterst geringe EHBO-vaardigheid van de Nederlander. Vandaag het vervolg, zoals ik het afgelopen zomer in een krant zag samengevat: ‘De zwemvaardigheid in Nederland holt achteruit.

U weet het, er zijn drie soorten leugens: leugentjes om bestwil, echte leugens en statistieken.
Nergens worden we meer mee belogen dan met statistieken die over voeding gaan. Onderstaande redenering laat daar de humoristische kan van zien.

Tot voor kort had ik nog nooit gehoord van het begrip publicatiebias. Toen ik er meer over las, wekte het begrip echter mijn belangstelling. Publicatiebias is het selectief publiceren van conclusies uit wetenschappelijk onderzoek.

De voedingsindustrie wil vooral mooie omzetten halen en als ze daarvoor voedingsmiddelen als geneesmiddelen in de markt moeten positioneren, doen ze dat graag. Dieetmargarines en cholesterolverlagende yoghurtjes, je kunt het zo gek niet verzinnen of je krijgt aangereikt dat je je tegenwoordig gezond kunt eten, vooral door toevoegingen.

Vanaf de derde klas van de lagere school kregen wij les in geloof, hoop, liefde en berouw. Vier gebeden die je uit je hoofd moest leren. Ze werden ‘Oefeningen’ genoemd. Ik heb het leerboekje nog steeds, de Cathechismus.

‘Zolang er geldstromen blijven lopen, gaan mensen neigen en buigen’. Deze uitspraak van huisarts Hans van der Linde, elders in dit magazine, zette me aan het denken.

We worden voortdurend bij de neus genomen. Zo is er het verhaal dat hoe magerder je bent, hoe gezonder. Als je dikker bent dan wat als normaal wordt beschouwd, verkort je je leven e.d.

Als mijn vrouw zegt dat ze dan en dan weer naar de reanimatiecursus moet, dan weet ik dat het weer zo ver is: na de cursus een dag lang geen zoenen noch kusjes. Maar het is goed werk, dus ook als echtgenoot moet je er iets voor over hebben.

Albert Megens is mijn wereldkampioen wielrendichten. Twee wielerbundels publiceerde hij: Buigen voor een jonkheer, en Ode aan de Pijn. Het eerstgenoemde boek kun je pas lezen als je het van een miniatuurwielrenshirt hebt ontdaan, het tweede is een ode aan de legendarische baanrenner Jan Pijnenburg. Het zijn twee poëtische regenboogtruien. De derde is in de maak.

Pagina's