'Hartritme prikkel' komt (nog) niet over bij minister Borst

Het is een probleem dat in toenemende mate opduikt en waarmee ook de Stichting Nederlandse Hartpatiënten steeds frequenter wordt geconfronteerd: patiënten met levensbedreigende hartritmestoornissen die van hun behandelend arts te horen krijgen dat er heel goed iets tegen hun aandoening te doen valt - namelijk de operatieve plaatsing van een 'cardiale defibrillator' -, maar... het budget staat dit niet toe! "Jammer, maar helaas."

Vaak, we hebben de voorbeelden in portefeuille, liggen betrokkenen dan al vele weken (soms tien weken...) in het ziekenhuis. Kosten per opname per week: een kleine tienduizend gulden. Kosten voor een dergelijke operatie: 58.000 gulden. De hartspecialisten wíllen die inplanteerbare cardiale defibrillators wel aan hun patiënt geven - zij zijn dikwijls wel goed van zins - alleen houden de directies en de raden van bestuur van de betreffende klinieken dit tegen op gezag van de ziektekostenverzekeraars. Die laatsten hebben immers bepaald hoeveel van deze apparaatjes jaarlijks door ziekenhuizen mogen worden verstrekt. De ziekenhuizen komen echter altíjd tekort; er blijken (helaas) steeds meer patiënten te zijn dan voorzien. En al snel worden dan ook de overeengekomen aantallen overschreden.



Zo gaat het ook met andere medische voorzieningen en hulpmiddelen, zoals ballonkatheters. Ook ten aanzien van de cardiale defibrillators is langzamerhand sprake van een onhoudbare situatie.

Even voor de duidelijkheid: cardiale defibrillators zijn slimme stukjes techniek, ter grootte van een aansteker, die het hartritme weer in zijn normale doen brengen op het moment dat het daarmee fout dreigt te gaan. Er wordt een corrigerend stroomstootje gegeven op het moment dat het ritme op hol slaat. Een krant noemde, om die lastige naam van cardiale defibrillator' te omzeilen, het apparaatje een 'hartritme-prikkelaar'. Aardige woordvondst die de functie van het apparaatje goed weergeeft. Welnu, onze organisatie heeft tot nu toe twee keer moeten grijpen naar het middel van een dreigend kort geding om ziekenhuisbesturen zover te krijgen om patiënten alsnóg de hen aanvankelijk toegezegde hartritme-prikkelaar te verstrekken. In beide gevallen met succes. Wij vinden namelijk dat het niet kán patiënten zo'n defibrillator in het vooruitzicht te stellen om even later de uitgestoken hand weer terug te trekken. Daarbij hebben ziekenhuizen een wettelijke verplichting tot behandelen. Zij kúnnen hun patiënt(en) derhalve geen 'nee' verkopen.

Daarom onze actie. Evenals een brief aan de minister van Volksgezondheid, mevrouw dr. Els Borst, om nu eindelijk iets te doen aan die altijd te krappe budget-afspraken. Laat zij de budgets in dergelijke gevallen van nood oprekken, zodat patiënten niet langer de dupe worden van deze verfoeilijke ambtenarij. Er is door de Nederlandse economie die heel wat beter draait dan verwacht, immers geld genoeg in dit land...!



Tevens heeft onze organisatie de bewindsvrouw gevraagd het aantal ziekenhuizen, dat deze cardiale defibrillators mag plaatsen, uit te breiden met het Catharina te Eindhoven, het Hartcentrum Rotterdam en De Weezenlanden in Zwolle. De Gezondheidsraad had hier enige tijd geleden al om gevraagd, maar de minister heeft helaas nog altijd niet gereageerd. Kwestie van een handtekening, mevrouw Borst! Deze passiviteit ergert zelfs de Gezondheidsraad, waar de minister ooit nog eens voorzitter van is geweest. Haar houding en de opstelling van de Raad zeggen wat. Het zegt bijvoorbeeld dat het probleem van de 'hartritmeprikkel' nog niet bij mevrouw Borst is overgekomen. Het wordt tijd.