Harttransplantatie als laatste redmiddel
Mede door haar inzet boekte het harttransplantatieprogramma van het Erasmus MC in Rotterdam uitstekende resultaten. Om die reden én omdat Aggie Balk ook als zij geen dienst heeft altijd klaar staat voor de patiënten, werd zij op 29 april onderscheiden als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Het lintje werd opgespeld door burgemeester Ahmed Aboutaleb.
Dat maakte ons nieuwsgierig. Wat is dat, een transplantatieprogramma?
Aan welke eisen moet een donorhart voldoen?
In principe houden we een bovenste leeftijdsgrens van 65 jaar aan, het hart moet gezond zijn en tegen een stootje kunnen want het zal een aantal uren zonder bloedvoorziening moeten kunnen doorstaan. Daarna moet het hart weer zelfstandig op gang kunnen komen in een patiënt die meestal ook een hogere druk in de longen heeft dan die waaraan het donorhart gewend was (hogere druk in de longen betekent belasting van de rechter hartkamer) . Dit betekent dat de hartkleppen goed moetem werken (niet lekken en niet vernauwd zijn), dat er geen belangrijke aangeboren afwijkingen zijn (b.v. abnormale verbindingen van de vaten) en dat het hart niet een te grote kans mag lopen om zuurstof gebrek van de hartspier te krijgen in de periode tussen uitname van het hart bij de donor, het vervoer en het weer opgang komen van het hart na implantatie (b.v. door aanwezigheid van kransslagadervernauwingen).
Hoeveel mensen wachten op een ander hart?
In Nederland stonden medio 2010 90 patiënten op de wachtlijst. Van hen staan er negentien op een niet-transplantabele plaats. Dit laatste kan zijn omdat ze tijdelijk problemen hebben die een transplantatie in de weg staan, of dat zij inmiddels zover verbeterd of gestabiliseerd zijn dat voorlopig van transplantatie wordt afgezien. Van de 71 actieve wachtlijst patiënten hebben er acht de status ‘urgent’.
De eerste vijf maanden van dit jaar zijn er negentien harttransplantaties uitgevoerd’.
Waar komen de donorharten vandaan?
Bijna alle donorharten komen uit Nederland. Een donorhart dat in Nederland beschikbaar komt is in eerste instantie bestemd voor een Nederlandse patiënt. Maar Nederland werkt in Eurotransplant verband samen met Duitsland, België, Luxemburg, Oostenrijk en Slovenië waardoor er voor een hoog urgente patiënt een verzoek ingediend kan worden (dat op noodzaak wordt beoordeeld door een internationale commissie) voor een hart uit een van de andere landen binnen Eurotransplant. Als de commissie het met de noodzaak eens is en er komt in een van die landen een hart beschikbaar krijgen wij een hart uit het buitenland (als er geen buitenlandse urgente patiënt was). Als dat gebeurt moeten wij het volgende Nederlandse donorhart echter terug ‘betalen’. Het totale aantal transplantaties in Nederland blijft dus afhankelijk van het aantal Nederlandse donoren.
Hoe verloopt een harttransplantatie?
Een harttransplantatie is, zover ik dat kan inschatten want ik ben geen chirurg, technisch geen moeilijke operatie. Wanneer de hartontvanger eerder al een hartoperatie heeft ondergaan kan er veel littekenweefsel rond het hart zitten waardoor het voor de chirurg een hele klus is om het zieke hart los te maken uit de borstkas. Hij moet daarvoor dan meer tijd uittrekken en er met de planning van de operatie rekening mee houden zodat hij op tijd begint en het donorhart niet uren moet liggen wachten om ingeplant te worden (streven is de tijd, dat het donorhart niet doorbloed wordt, binnen 4 uur te houden).
Bij het plannen van een harttransplantatie is er een schema dat rekening houdt met de verwachte aankomst van het donorhart op de operatiekamer (gerekend met het tijdstip van uitname in het donorziekenhuis en de duur van het transport). Daarvan terugrekenend is er 1 uur nodig voor de voorbereidingen door de anesthesioloog (infusen inbrengen, alles klaar maken voor het in slaap maken etc.) en 1/2 uur voor het open maken van de borstkas en ‘vrij leggen’ van het zieke hart. Dit half uur wordt langer als de chirurg meer tijd denkt nodig te hebben voor het ‘vrij leggen’ van het hart. Dus als verwacht wordt dat het donorhart om 02.00 uur zal arriveren en de patiënt heeft geen eerdere hartoperatie gehad dan gaat de ontvanger om 0.30 uur naar de operatiekamer. De anesthesioloog maakt de patiënt in slaap als de chirurg die het donorhart ophaalt telefonisch heeft doorgegeven dat het er goed uitziet.
De meeste transplantaties vinden ’s nachts plaats, de transplantatie van harten kan nog niet (zoals bij nieren en levers) worden uitgesteld tot het dagprogramma van de operatiekamers omdat na 4 uur de kwaliteit van het hart sterk achteruit gaat.
De transplantatiecardiologen zijn steeds bereikbaar voor het ontvangen van het donoraanbod, beoordeling hiervan samen met de chirurg, eventueel aanvullend overleg met het donorziekenhuis, oproepen en klaarmaken van de ontvanger en dat zijn vooral nachtelijke reeksen telefoontjes en ziekenhuisbezoeken.
Wie komen in aanmerking voor een ander hart?
Voor harttransplantatie (en voor eventueel overbrugging naar transplantatie met een steunhart) komen in aanmerking patiënten voor wie er geen andere behandelingmogelijkheden (b.v. bypass operatie, klepoperatie, biventriculaire pacemaker) dan transplantatie zijn en van wie de levensverwachting zeer beperkt is tgv hun zieke hart. Bij ‘beperkt’ moet u dan denken aan dagen, weken tot maanden bij mensen die het ziekenhuis niet uit komen maar ook 1 á 2 jaar waarbij patiënten wel thuis zijn maar te moe om b.v. hun sociale contacten te onderhouden. Er mogen bij de transplantatie kandidaat geen bijkomende problemen zijn (van andere organen) die de winst van harttransplantatie aanzienlijk kleiner maken dan de huidige overlevingspercentages (b.v. nierziekte, kanker, ernstige vaatafwijkingen). De potentiële hartontvanger moet bovendien bereid en in staat zijn om zich aan uiterst nauwkeurig medicijngebruik te houden en moet goed zijn eigen lijf kennen om snel aan de bel te kunnen trekken als er iets aan de hand is. Door de medicijnen die nodig zijn om afstoting te voorkomen kunnen b.v. infecties ernstiger verlopen dan zonder die medicijnen.
Hoe groot is de sterfte op de wachtlijst?
Sterfte op de wachtlijst varieert tussen de 10 en 20% en vindt deels plaats in zeer acute patiënten en deels in patiënten die al langer wachten en dan problemen krijgen zoals bloedvergiftiging. Vroeger overleed een deel van de wachtenden ook door ritmestoornissen; maar dit overlijden kunnen we tegenwoordig meestal voorkomen door de mensen op de wachtlijst een ICD te geven. Een deel van de zeer acute patiënten kunnen we behandelen met een steunhart ter overbrugging.
Wat vindt u van het Nederlandse donorbeleid?
Donatie moet mijns inziens een vrijwillige daad blijven. Het zou goed zijn als iedereen in principe donor is maar met de duidelijke mogelijkheid om aan te geven dit bewust niet te willen. Hierbij blijft het recht om te beslissen bij elk individu. Degenen die geen donor willen zijn moeten dan consequent blijven en zouden dan ook moeten vastleggen dat zij geen donororgaan willen ontvangen.
Laatst aangepast op woensdag 28 juli 2010 13:08
SEO by AceSEF
